Naar de inhoud
Lees voor

Vergankelijkheid

2 september 2025

Vroeg of laat belandt een boek bij het oud papier. Ik wil daar eigenlijk niet aan, en zelf doe ik dan ook mijn uiterste best om de boeken in mijn kast voor dat noodlot te behoeden, maar soms wordt je heel hard met je neus op de feiten gedrukt.

Dat er op de Geldersekade in Amsterdam voor de deur van waar tot voor kort Antiquariaat Schuhmacher gevestigd was al een tijdje een grote container staat boordevol boeken en vooral tijdschriften die niemand meer wil hebben, die zelfs voor tweedehands boekverkopers niet interessant meer zijn, is zo’n moment. Veel van wat ze in huis hadden, vond onderdak bij andere collega-antiquaren, maar er was nog veel meer waar die collega’s geen brood in zagen. Ze schatten in dat wat als een schat gekoesterd werd aan de straatstenen niet kwijt te raken. En toen werd wat in de winkel nog waardevol was van de ene op de andere dag oud papier. Oud papier dat de aandacht begon te trekken naarmate meer mensen er schande over spraken dat die volle container daar stond. Er verzamelden zich mensen in de hoop een over het hoofd geziene schat op te diepen. Ze hingen graaiend over de rand van de container en baanden zich een weg door wat misschien toch vooral oud papier was. Er ontstonden ook mooie gesprekken, daar op de stoep van de winkel die geen winkel meer is. Tussen liefhebbers, kenners en toevallige voorbijgangers. Er werden herinneringen opgehaald. Loftrompetten gestoken. Ongenoegens geuit. Maar bovenal werd de liefde voor het boek beleden. Openlijk en onomwonden. Waarna eenieder weer zijns weegs ging.

Ik spoedde mij naar een van de grotere boekwinkels in de stad om er te luisteren naar een gesprek tussen drie schrijvers die al geruime tijd geleden debuteerden. Zoveel jaar na dato reflecteren ze op een zelfportret dat ze ooit maakten. Het is, in elk geval volgens de beduidend jongere collega die de vragen stelt, tijd om de balans op te maken. De balans van een loopbaan in de letteren en de balans van die letteren zelf. Dat levert een vermakelijk gesprek op, al is het alleen maar omdat de drie het achterste van hun tong natuurlijk niet willen laten zien. Terwijl ze elkaar heel goed kennen, bevriend zijn zelfs, en tot vijf minuten voor aanvang van het gesprek niets voor elkaar te verbergen hebben. De jongste van de drie – die pas recent afgerekend heeft met het gevoel altijd en overal de benjamin te zijn – is het meest uitgesproken over zijn eigen eindigheid als schrijver. Oplossen noemt hij het. Ooit – en dat zal niet eens zo heel lang meer duren – zal hij een vergeten schrijver zijn. Hij maakt zich geen illusies. Hij – meervoudig bekroond – heeft zijn beste tijd eigenlijk al gehad, maar is nog niet uitgeschreven, staat zelf op het punt iets heel nieuws te proberen. Ondertussen wordt hij links en rechts ingehaald door nieuwe generaties schrijvers. Hij lijkt er niet mee te zitten, de auteur die zo bedachtzaam begon maar naarmate hij op stoom komt niet meer te stuiten is.

Oplossen. Wat een mooi woord voor dat wat veel schrijvers al tijdens hun leven overkomt. Terwijl ze zelf nog volop overtuigd zijn van hun eigen kunnen – en door hun lezers in dat geloof bevestigd worden – krijgen ze te maken met geduchte concurrentie van aanstormende talenten. Nieuwe schrijvers die het anders aanpakken en de literatuur opschudden. Collega’s die het stokje overnemen, zonder dat er sprake is van een estafette.
Hoe je daartoe te verhouden? Je kunt je als gearriveerd schrijver natuurlijk verzetten tegen de ontstane situatie, je beroepen op in het verleden behaalde resultaten en je op basis daarvan superieur voelen aan jonge collega’s. Maar misschien is het zinvoller om te accepteren dat de literatuur zichzelf steeds opnieuw uitvindt en schrijvers komen en gaan. Ooit was jij die nieuwkomer, die een kans kreeg. Die continuïteit. Die voortdurende behoefte om de pen op te pakken en te schrijven. Dat stemt hoopvol. Schrijvers lossen langzaam op. Boeken eindigen als oud papier. Maar het schrijven blijft.

Liliane Waanders (1963) is (literair) journalist, redacteur en programmamaker. Zij interviewt inmiddels al meer dan dertig jaar schrijvers op podia, was hoofdredacteur van de Boekenkrant, is betrokken bij Biografieportaal, maakt literaire programma’s, schrijft voor Awater en de Poëziekrant, werkt drie dagen per week bij De Meent, een kleine eigenwijze uitgeverij in Rotterdam, en onderhoudt een eigen literaire website: hanta.nl.

op de hoogte blijven?

Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand de leukste lees- en luistertips in je mailbox! Je e-mailadres wordt alleen gebruikt voor het versturen van onze nieuwsbrief en niet gebruikt voor andere doeleinden.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.