Pianoconcert in G en Pianoconcert voor de linkerhand
Maurice Ravel
Maurice Ravel (1875-1937) componeerde tussen 1929 en 1931 twee muzikaal zeer toegankelijke concerten voor piano en orkest, die naast duidelijke verschillen ook veel overeenkomsten vertonen. In beide composities worden dromerige melodieën afgewisseld met felle ritmiek en wordt veel gebruik gemaakt van jazz-effecten. Goed is te horen dat Ravel uitblonk in schrijven voor het orkest met zijn diversiteit aan klankkleuren. Het eerste concert bestaat uit drie delen, waarvan het eerste en laatste deel hoge eisen stellen aan de virtuositeit van de solist. Het tweede deel bestaat uit een lang uitgesponnen, typische Ravel-melodie die herhaald wordt, met daar tussenin een sublieme muzikale climax. In het tweede concert speelt de pianist alleen met de linkerhand. Ravel schreef het voor de Oostenrijkse pianist Paul Wittgenstein die in de Eerste Wereldoorlog zijn rechterarm had verloren. Hoewel ook in dit werk een driedeling is te bespeuren, gaan de onderdelen bijna ongemerkt in elkaar over.
Enthousiast en wil je meedoen aan een lees- of luisterclub? Zoek een club of ga naar een bijeenkomst in je omgeving. Het is uiteraard mogelijk eerst vrijblijvend kennis te maken met een club.
nieuws
