Naar de inhoud
Nieuw & beschikbaar: Utrecht Fil10 (Filosofie)
inloggen
Lees voor

De muziek van Johan Wagenaar

5 april 2026

Elk land heeft zijn componisten die tot de muzikale canon behoren, componisten die zowel nationaal als internationaal aanzien en bekendheid genoten en nog steeds genieten. In Nederland zijn dat onder meer Jan Pieterszoon Sweelinck (zie Luisterwijzer Z24-02) en Alphons Diepenbrock (zie Luisterwijzer Z23-08). Maar elk land heeft ook componisten die weliswaar niet het aanzien of de bekendheid hebben van hun illustere collega’s, maar muziek schreven die het aanhoren meer dan waard is. De Werkgroep Muziek wil u graag laten kennismaken met een van hen: de componist Johan Wagenaar.

Wie was Johan Wagenaar?
Johan Wagenaar werd in 1862 geboren in Utrecht als een van de zes kinderen uit de relatie van een Utrechtse patriciër met zijn voormalige dienstmeisje. Hoewel zijn vader nooit met zijn moeder in het huwelijk trad, nam hij wel de financiële verantwoordelijkheid voor zijn heimelijke gezin op zich.
Al op jonge leeftijd bleek Johans muzikale aanleg en hij kreeg les in compositieleer, orgel, piano en viool aan de Utrechtse muziekschool. Later werd hij directeur van diezelfde muziekschool en dirigent van het Toonkunstkoor Utrecht.

Wagenaar nam in het Utrechtse muziekleven een centrale plaats in en heeft ook belangrijke bijdragen geleverd aan het Nederlandse muziekleven: in 1919 werd hij directeur van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag (hij bleef dat tot 1937) en hij vervulde verschillende functies in onder meer de Rijkscommissie van Advies inzake de Toonkunst en het hoofdbestuur van de Maatschappij tot bevordering der Toonkunst. Tevens was hij, als voorzitter van het Genootschap van Nederlandsche componisten, een van de oprichters van het Bureau voor Muziekauteursrechten (Buma). Tot aan zijn overlijden in 1941 bleef hij zitting nemen in examencommissies, gaf hij compositielessen en componeerde hij.

Het muziekonderwijs had zijn warme belangstelling. Hij besteedde dan ook een groot gedeelte van zijn tijd in Utrecht en ‘s-Gravenhage aan pedagogische arbeid. Enkele leerlingen van hem zijn: Peter van Anrooy, Emile Enthoven, Henri van Goudoever, Alexander Voormolen, Leon Orthel en Willem Pijper.

Lees hier een uitgebreidere beschrijving van zijn leven.

De muziek van Johan Wagenaar
Als componist nam Johan Wagenaar in het Nederlandse muziekleven aan het begin van deze eeuw een vooraanstaande plaats in. Hij schreef in verschillende genres, maar is het meest bekend geworden door zijn orkestwerken, waarin hij laat horen dat hij voortreffelijk kon instrumenteren, daarbij beïnvloed door Hector Berlioz en Richard Strauss. Bijna al zijn orkestwerken zijn geïnspireerd door schilderijen of literatuur. Dat geldt ook voor zijn meest bekende werken, de Ouverture Cyrano de Bergerac opus 23 uit 1905 (naar het toneelstuk van Edmond Rostand) en de ouverture De getemde feeks opus 25 uit 1909 (naar de komedie van Shakespeare).

  • Kijk en luister naar een uitvoering uit 2011 van Cyrano de Bergerac door het Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Claus Peter Flor. In dit werk geeft Wagenaar een muzikaal portret van Cyrano aan de hand van de volgende eigenschappen: heldhaftigheid, poëtische liefde, trouw en standvastigheid, blijmoedigheid, ridderlijke gevoelens en humor en zelfspot.
  • Ter gelegenheid van de Rembrandtfeesten in 1906 schreef Wagenaar het Symfonisch Toongedicht Saul en David opus 24. Dit werk is een muzikale impressie van het gelijknamige schilderij van Rembrandt. Wagenaar beeldt hierin de door dreiging en waanzin gedomineerde wereld van Saul uit en zet daar de argeloze wereld van de harpspelende David tegenover. Een van de hoogtepunten in deze compositie is de harpsolo die David vertegenwoordigt.
    Luister naar deze compositie in een uitvoering (met partituur) door het Koninklijk Concertgebouworkest onder leiding van Riccardo Chailly met Vera Badings als harpiste.
  • Een van Wagenaars weinige orkestwerken waaraan geen programma ten grondslag ligt is de Sinfonietta opus 32 uit 1917. Hij schreef dit werk als dank voor zijn benoeming door de Senaat van de Universiteit te Utrecht tot eredoctor in de Nederlandse letteren.
    Luistert en kijkt u naar deel 4 van dit werk (Allegro marciale), gespeeld door het Koninklijk Concertgebouworkest onder leiding van Ivan Fischer.
  • Wagenaars muziekdramatische composities kenmerken zich door muzikale humor. Een mooi voorbeeld hiervan is de humoristische cantate De Schipbreuk opus 8 op tekst van ‘De Schoolmeester’ (pseudoniem van de dichter Gerrit van de Linde). Wagenaar schreef deze cantate in 1889 en parodieerde daarin het valse pathos en de talloze ongerijmdheden in veel Franse en Italiaanse opera’s. U kunt via de volgende link een fragment uit deze cantate horen en zien, een productie van 401DutchOperas.