Interview: Marijke Schermer – In het oog
Marijke Schermer (1975) is roman- en toneelschrijver. Haar vierde roman In het oog (N25-18) staat op de shortlist van de Libris Literatuur Prijs 2025. Ruim 200 leesclubs lezen en bespreken dit boek. Hoog tijd voor een gesprek met deze auteur.

In het café waar we hebben afgesproken zit Marijke al op mij te wachten.
Marijke, je hebt de toneelschool gedaan, hoe ben je ertoe gekomen om schrijver te worden?
Ik wilde altijd al schrijver worden, schreef als kind al verhalen. Als tiener werd ik gegrepen door theater en ben ik naar de toneelschool gegaan. Maar acteur zijn paste mij niet, ik ben toch meer van de achtergrond, dus toen ben ik gaan regisseren en voor het theater gaan schrijven. Na tien jaar ben ik ook proza gaan schrijven, eerst verhalen, toen een roman.
Je zegt dat heel makkelijk: toen besloot ik boeken te gaan schrijven, maar je moet een onderwerp hebben om over te willen schrijven. Hoe kom je aan je onderwerpen?
Het onderwerp waarover ik schrijf heeft vaak iets te maken met waar ik in mijn leven mee bezig ben. In het oog gaat over iemand die observerend in het leven staat, meer dan dat zij een volle deelnemer is. En het gaat over welke problemen die positie kan veroorzaken, of de voordelen die dat biedt. Over wat dat betekent voor intimiteit en relaties als je zo in het leven staat. Dat thema houdt me bezig en dat probeer ik vorm te geven in een verhaal via een aantal personages met verschillende eigenschappen.
In het schrijfproces wil ik iets uitzoeken, iets doorgronden, begrijpen. Daarnaast vind ik het belangrijk om het zo entertainend mogelijk op te schrijven. Dat de lezer na elk hoofdstuk denkt: ik wil door!
Hoe uit zich iets willen onderzoeken in je boek In het oog?
Nicola, de hoofdpersoon, heb ik microbioloog gemaakt, omdat dat een observerend iemand is. Ze onderzoekt dingen en kijkt via een microscoop naar het onderwerp, bacteriën. En dan, al schrijvend, ontwikkelt het verhaal zich. Er komt een man in het spel, ik geef Nicola een dochter, een ex, een huis, vrienden. In het proces van schrijven veranderen die dingen ook, ik zoek al schrijvend uit wat de beste vorm is. Die man die ze ontmoet, Louis, heeft in de loop van het werken aan dit boek verschillende beroepen gehad, en ook drie kinderen in plaats van een, maar dat klopte dan toch niet en zo vind ik langzaam de vorm en de details waarin het verhaal het beste op stoom komt. Het is al schrijvend zoeken naar de beste invulling. Zo werk ik al mijn personages uit: ze hebben een leven, met relaties, werk, een huis, een achtergrond.
In al mijn boeken zoek ik iets uit over de verschillende facetten van de liefde. In In het oog zitten verschillende relaties. Het begint met de relatie tussen Nicola en Beatrice, later ontdek je dat ze een relatie met een man heeft gehad en een dochter heeft. Het eindigt met weer een andere relatie. Binnen deze relaties speelt dat de een veel meer over gevoelens wil praten dan de ander. Dan is mijn zoekproces dat bijvoorbeeld de rol van prater, je binnen de ene relatie beter ligt dan in de andere relatie. Dat je rol verschilt per relatie.
Nicola is eenzelvig en gesloten, maar heeft ook behoefte aan verbinding, of zelfs versmelting.
Die lijn tussen autonomie en verbondenheid vind ik interessant. Waar op die lijn zit jouw ideale positie? En wat doe je als de ander meer wil, of minder wil dan jij?
Je zegt dat je in je boeken iets wil uitzoeken, wat je bezighoudt. Waarom wil je die zoektocht via een boek publiek maken?
Ja, waarom zou je nog een boek willen toevoegen? Er is al zo ongelooflijk veel geschreven. Maar zo denk ik niet. Ik wil iets maken, een idee vormgeven. En daar dan vervolgens over praten met lezers. En dat lezers onderling aangezet worden tot nadenken, of geraakt zijn, of dingen niet snappen en daar vragen over stellen.
Nicola vindt een manier om Louis’ huis binnen te dringen, ik las in een ander interview met jou dat niet iedereen dat kon waarderen?
Nee, dat klopt, dat werd door sommige lezers als hoogst ongemakkelijk ervaren. Zij denken: die vrouw is gek. Voor mij heeft het te maken met wat verliefdheid is: iemand helemaal willen leren kennen, binnenstebuiten willen keren. Ik wilde die grenzeloze nieuwsgierigheid naar de ander echt grenzeloos maken, grensoverschrijdend.
Dat grenzeloze uit zich bij Nicola op meer terreinen. Kun je daar wat over zeggen?
Dat uit zich in het gegeven dat Nicola zich niet beperkt in met wie ze een relatie heeft, ze heeft liefdesrelaties met vrouwen en mannen. Het zit ook in het grensoverschrijdende van Louis’ huis binnendringen. Ook overschrijdt ze regels binnen de academische wereld waarin ze werkt, ze meent dat de regels niet voor haar gelden, ze fraudeert met haar onderzoek, en niet voor het eerst.
Hoe heb je het einde van het boek bedacht?
Het schrijven van een boek is bij mij een eindeloos proces van schrijven, schrappen en herschrijven. Op een gegeven moment wist ik echt niet meer hoe ik het verhaal tot een einde moest brengen. Ik wilde graag dat het verhaal een romantisch einde zou hebben. Ik dacht: deze observator die het zo moeilijk vindt om zichzelf te delen, moet ergens de overstap maken en dat wel gaan doen. En toen ik dat eenmaal bedacht had wist ik waar ik met het verhaal naartoe moest bewegen.
Lilian Hacquebord
